Showing posts with label Baudet. Show all posts
Showing posts with label Baudet. Show all posts

Reptielen in het brein

De reptielen van Baudet zitten vooral in zijn eigen hoofd. Daar zijn ze ingestopt door Poetin, de evolutie en de onmenselijke werking van het kapitalisme.

Dinsdag 18 oktober werd de fractievoorzitter van de PVV in de Eerste Kamer, Marjolein Faber, het woord ontnomen door de Senaatsvoorzitter. Faber had namelijk aan Rutte gevraagd of “de vijfde colonne niet eigenlijk achter de regeringstafel zit”. Naar eigen zeggen gebruikte zij de beladen term “vijfde colonne” omdat volgens haar “het Nederlandse volk zich verraden voelt”.

Hoewel Faber daarin deels zeker gelijk heeft (al kun je over de redenen van mening verschillen), ben ik het toch eens met het oordeel van de Eerste Kamervoorzitter dat de PVV’er “zwaar beledigende taal” richting Rutte had gebruikt en dus de mond gesnoerd moest worden. Niet dat ik nou zo’n fan van Rutte ben – verre van, ook ik vind dat Rutte met zijn beleid van de afgelopen 12 jaar het Nederlandse volk (en dan vooral het niet-rijke deel daarvan) verraden heeft. Net als de mislukte Thatcher-lookalike Truss moet ook Rutte zo snel mogelijk het veld ruimen wegens neoliberaal wanbeleid, waar alleen de rijken en de grote bedrijven van geprofiteerd hebben.

Waarom is Fabers opmerking richting Rutte dan toch zo fout? De PVV-senator deed haar uitspraak een paar dagen na Baudets breed uitgemeten psycho-fascistische uitglijder over het complot van “kwaadaardige reptielen” dat de wereld zou bedreigen en waar Poetin als enige wereldleider tegen op zou staan. In zo’n context is het duidelijk dat Fabers opmerking over een “vijfde colonne” maar op één manier begrepen kan worden, namelijk als een impliciete beschuldiging aan het adres van Rutte dat er onder zijn glanzend-blauwe maatpak en quasi-menselijke gedaante ook een reptiel schuilgaat. Gaat de PVV nu ook al op de complot-tour? Als Baudet in de Tweede Kamer gecensureerd mag worden voor het spuien van achterlijke en gevaarlijke complottheorieën (“Kaag is een spion”), dan geldt dat ook voor mevrouw Faber.


Fascisme: het innerlijke reptiel
Overigens heeft Baudet na zijn reptielen-uitglijder nog geprobeerd een deel van zijn imago-schade (want welk enigszins weldenkend mens gelooft deze waanzinnige nog?) ongedaan te maken door te zeggen dat hij het niet zo letterlijk had bedoeld: de term “reptielen” zou metaforisch begrepen moeten worden, als aanduiding voor de “gevoelloze mensen” die wereldwijd aan de touwtjes trekken. 

Maar zo gemakkelijk komt ‘Herrie Thierry’ er deze keer niet vanaf. Zijn reptielen-opmerking was een duidelijke verwijzing naar de door hem bewonderde Britse complot-‘denker’ en notoire Jodenhater David Icke, die het toch echt letterlijk heeft over buitenaardse “reptilians” die de macht op aarde willen overnemen – reptielachtige wezens die op mysterieuze wijze (zijn het shapeshifters? hologrammen?) mensachtige gedaante aan kunnen nemen en heel toevallig ook vaak Joden zijn. De Joodse bankiersfamilie Rothschild zou volgens Icke hun aanvoerder zijn. Kortom: antisemitisme in een shock-horror-science-fiction-jasje. De fascistische waanzin spat ervan af. De nazi-mythe van het Zionistische complot leeft voort in het huidige complot-‘denken’. 

Ook hier is context dus bepalend: gegeven Baudets bewondering voor Icke, die hij een “groot denker” noemt, moet zijn reptielen-opmerking wel degelijk letterlijk in plaats van louter metaforisch begrepen worden. Maar zelfs in het onwaarschijnlijke geval dat Baudet met “reptielen” inderdaad slechts “ongevoelige mensen” bedoelde, dan nog is hij duidelijk de weg kwijt. Want in één adem door prijst hij Poetin als zijn grote held, de “viriele” Verlosser, de “Dark Knight” die het tegen de reptielen op durft te nemen in een apocalyptische strijd van goed en kwaad. 

Vladimir Poetin, de man die een illegale en wrede veroveringsoorlog is begonnen en de wereld met nucleaire wapens bedreigt? De dictatoriale oligarch die met zijn kleptocratische bende van mede-oligarchen Rusland heeft leeggezogen en aan de rand van de afgrond heeft gebracht? De gifmenger van het Kremlin die al zijn politieke tegenstanders heeft opgeruimd? De massamoordenaar van Syrië? De slager van Boetsja? De terrorist die Oekraïense woonwijken, ziekenhuizen, scholen en energiecentrales met raketten en kamikaze-drones bestookt? Is dat je grote held, je kampioen in de strijd tegen de “gevoelloosheid”? Kom op nou, meneer Baudet… Is Poetin zelf niet het opper-reptiel, het prototype van de ijskoude killer? 


Poetins vijfde colonne

De reptielen van Baudet zitten primair in hemzelf, in zijn hoofd, waar het gif van de fascistische waanzin flink heeft huisgehouden. Waar komt dat gif, dat “innerlijke reptiel” vandaan? Enerzijds is het duidelijk dat Poetin het daar gestopt heeft – althans, Poetin heeft in ieder geval Baudets innerlijke reptiel zorgvuldig gevoed en verzorgd. Het is inmiddels breed bekend dat Poetin het rechts-populisme in heel Europa en Amerika heeft aangewakkerd en gesteund. Deels door het verspreiden van nepnieuws en complottheorieën via Russische trollen en bots. Maar ook door regelrechte financiële steun aan rechts-populistische politici. Van Nigel Farage en Marine le Pen is bekend dat ze geld vanuit Russische hoek hebben aangenomen. De Brexit, waardoor de EU en het VK tegen elkaar zijn uitgespeeld, is mede door Russisch geld mogelijk gemaakt. En zoals recentelijk bekend werd heeft ook Berlusconi, geheel in maffia-stijl, van Poetin een betaling mogen ontvangen, in de vorm van 20 flessen vodka. Ik zie Poetin al in het Kremlin een Marlon Brando-imitatie doen: “I’m gonna make him an offer he can’t refuse.”

Ook Baudet lijkt Russisch geld ontvangen te hebben. Zo heeft het er alle schijn van dat hij in de aanloop naar het Oekraïne-referendum van 2016 nauw samenwerkte met een aan het Kremlin verbonden Rus. In app-berichten, die door Zembla en De Nieuws BV naar buiten zijn gebracht, verwijst Baudet naar betalingen van deze man, die hij omschrijft als “een Rus die voor Poetin werkt”. Volgens lolbroek Baudet waren deze berichten bedoeld als “grapjes”, maar voormalig Forum-bestuurslid Henk Otten zag destijds de humor er niet van in en waarschuwde Baudet meermaals voor Russische invloeden. 

Overigens heeft ook Geert Wilders in het verleden gedweept met Poetin en zich tijdens een bezoek aan Rusland een vriendschapsspeldje op laten spelden, terwijl het MH17-proces in volle gang was. Over vijfde kolonne gesproken…

Toch is het te simpel om Poetin als enige verantwoordelijk te stellen voor de “reptielen” in de hoofden van extreem-rechtse figuren als Trump, Baudet en David Icke. Blijkbaar is er een maatschappelijke voedingsbodem voor fascistische complottheorieën – een voedingsbodem waar demagogen als Hitler, Poetin en Trump handig misbruik van maken. Er zijn hele volksstammen die hierin meegesleept werden én worden: we kennen allemaal mensen in onze directe of indirecte omgeving die met het complotvirus zijn aangedaan. Zo had mijn moeder aan het begin van de coronacrisis een tandarts die tijdens een wortelkanaalbehandeling losjes begon te keuvelen over de “Great Reset” en het feit dat de vaccins toch eigenlijk bedoeld waren om 90 procent van de mensheid uit te roeien, om zo de overbevolking op te lossen. Mijn moeder, toch al geen held in de tandartsstoel, heeft stante pede een andere tandarts gezocht. 


Martin Buber en het “Demonische Jij”

Van waar die waanzin? Waarom gaan mensen hierin mee? Waarom schakelen zij op een gegeven moment hun kritisch denkvermogen uit, om zich over te geven aan fascistische fantasieën over buitenaardse reptielen annex Joden die onze wereld bedreigen? Waar komt deze psychotische obsessie met een complot van onmenselijke vijanden vandaan? Wat zijn de maatschappelijke oorzaken hiervan? Wat is er mis met onze samenlevingen, dat zij deze massa-psychose produceren? 

Want het spreekt voor zich dat dergelijke fantasieën, zeker als zij breed gedragen worden, niet zomaar uit de lucht komen vallen. Dan is er meer aan de hand dan de gekte van een paar enkelingen. Marxistisch gezegd: mensen worden gevormd door hun sociaal-economische omstandigheden. Ergo: als mensen massaal het gevoel hebben dat ze door onmenselijke vijanden belaagd worden, dan zijn hun omstandigheden blijkbaar onmenselijk geworden. Het is dan te gemakkelijk om figuren als David Icke en Baudet af te doen als losgeslagen gekken. Natuurlijk, ze zijn knettergek, maar hun waanzin is een afspiegeling van de maatschappij die blijkbaar deze massa-psychose in de hand werkt. Laten we daarom onszelf eens bekijken in de spiegel die Baudet ons voorhoudt. 

Na Hitler en de Holocaust hebben talloze schrijvers, psychologen, sociologen en filosofen zich gebogen over de vraag hoe het zó mis kon gaan: hoe konden zoveel Duitsers meegaan in de nazi-fantasieën over het Joodse complot en de fascistische overgave aan de Führer. Van alle theorieën die in de loop der tijd over het fascisme ontwikkeld zijn, van Wilhelm Reichs seksuele repressie-these tot het zondebokmechanisme van René Girard, vind ik er eentje uitspringen voor onze door ‘bubbelficatie’ beheerste tijd: de theorie van de “verstoorde dialoog” van de Joodse filosoof Martin Buber (1878-1965).

Voor Buber staat menselijkheid gelijk aan mede-menselijkheid. Alleen door de dialoog aan te gaan, door volledig open te staan voor anderen in al hun andersheid, door ons aan te laten spreken en vanuit ons hart te antwoorden, worden we échte mensen. De “gehele mens”, aldus Buber, is “de mens mét de mens”, de dialogische mens. Het gaat dan ook fundamenteel fout als de maatschappij zo wordt ingericht dat mensen steeds meer ‘een nummer’ worden, als mensen primair op hun financiële eigenbelang worden aangesproken en niet op hun medemenselijkheid, als mensen niet meer openstaan voor elkaar en hun onderlinge communicatie stokt. In plaats van door de dialogische “Ik-Jij-relatie” wordt de samenleving dan in toenemende mate beheerst door de instrumentele “Ik-Het-relatie”, waarin mensen elkaar (maar bijvoorbeeld ook dieren en de natuur) als dingen gaan gebruiken. 

In dergelijke tijden van vervreemding en ontmenselijking, zegt Buber, gaat het “Demonische Jij” overheersen: “het Demonische Jij voor wie niemand anders een Jij kan worden”. Mensen ervaren elkaar dan niet meer primair als medemensen, maar in het beste geval als ‘neutrale dingen’, in het ergste geval als existentiële bedreigingen, als angstaanjagende vreemdelingen, ja – om in de sfeer van Baudet te blijven – als ‘reptielen’ die haaks staan op onze aangeboren behoefte aan medemenselijkheid. De één wordt een “Demonisch Jij” voor de ander. Vervolgens wordt dit sociaal-psychische trauma in de politiek uitgeleefd door de fascistische leider, die de algehele ontmenselijking in zekere zin openlijk uitspreekt en belichaamt. Zo is de fascistische leider zelf het ultieme “Demonische Jij” voor Buber, de leider die zijn eigen (mede-)menselijkheid uitschakelt door een bepaalde groep mensen in de samenleving te dehumaniseren en als dé schuldigen van alle misère aan te wijzen (de ‘reptielen’) – een politieke strategie die Buber als Jood in nazi-Duitsland aan den lijve heeft meegemaakt. 


Bubbelficatie en neoliberalisme
Kijken we vanuit Bubers dialogische filosofie naar onze tijd – het tijdperk van de bubbels – dan valt zijn relevantie niet te ontkennen. Steeds meer mensen trekken zich terug in de bubbel van het eigen gelijk en ontmoeten elkaar niet meer. In Nederland constateert het SCP al tientallen jaren dat verschillende groepen en lagen van de bevolking steeds minder contact met elkaar hebben, laat staan dat zij mengen. De sociale verhoudingen gaan op slot. De Russen en het Westen, de ‘complotwappies’ en de ‘sheeple’, links en rechts, witte mensen en gekleurde mensen, de Israëli’s en de Palestijnen, de ‘klimaatwappies’ en de ‘klimaatontkenners’, de haves en de have-nots – iedereen zit in z’n eigen informatiebubbel, wereldbeeld, comfortzone, getto of gated community. Echte dialoog, dwars door bubbelwanden heen, vindt nog maar zelden plaats. 

En daarmee boeten we aan medemenselijkheid in: de onmenselijkheid van Poetins oorlog en van de fascistische reptielen-fantasie getuigen daarvan. Maar ook los daarvan zien we de ontmenselijking om ons heen oprukken: online scheldpartijen, de verhuftering in het verkeer, doodsbedreigingen, de onmenselijke behandeling van asielzoekers, de verharding van het publieke debat op sociale media en in de Tweede Kamer – het zijn allemaal symptomen van een tekort aan medemenselijkheid.

Vragen we naar de onderliggende oorzaak van dit tekort, dan komen we volgens de anarcho-socialist Buber uit bij het kapitalisme. In het kapitalisme heerst immers niet de dialogische Ik-Jij-relatie, maar de instrumentele Ik-Het-relatie. De ander verschijnt niet primair als medemens maar als concurrent, als consument, als baas of als bron van arbeid. Het kapitalisme heeft “geen andere band tussen de mensen overgelaten dan die van het naakte profijt, van de hardvochtige ‘contante betaling’”, zo schreef Marx al in zijn Communistisch Manifest van 1848. En Buber zegt het hem in 1923 na: “Heeft niet de ontwikkeling van de moderne wijze van arbeid en bezit bijna elk spoor [...] van de betekenisvolle relatie vernietigt?”

Toen al zag Buber de winstmachine van het kapitalisme op hol slaan: “De stokers hopen nog wel de kolen op, maar de leiders regeren slechts voor de schijn over de voortrazende machines.” Alle menselijke waarden worden in financiële waarden omgezet, met als gevolg dat voortaan het geld regeert, niet langer de menselijkheid. Zo moest het kapitalisme volgens Buber wel uitmonden in de onmenselijkheid van het fascisme van de jaren ‘30. Hetzelfde zien we nu gebeuren.

Ongetwijfeld heeft de coronacrisis, met z’n virus-paranoia en gedwongen social distancing, bij veel mensen deze sociale vervreemding enorm aangewakkerd. Zo bezien is het niet verwonderlijk dat veel complottheorieën zich met name op corona richtten. Maar de coronacrisis heeft slechts een ontmenselijking blootgelegd die sinds de neoliberale wending rond het jaar 1990 steeds meer om zich heen grijpt in onze samenleving. Met het neoliberale ieder-voor-zich-denken en de voortschrijdende digitalisering nam de bubbelficatie van de samenleving extreme vormen aan. Maximaal losgeweekt van zijn of haar sociale omgeving, raakt elk individu opgesloten in de eigen bubbel, afgesloten van de buitenwereld door koptelefoons, schermpjes en gepersonaliseerde newsfeeds. 

Het neoliberalisme heeft ons egoïstisch gemaakt, ons vervreemd van elkaar en van onszelf, ons opgesloten in privé-bubbels en gereduceerd tot producerende en consumerende schakeltjes in de geldmachine van het geglobaliseerde kapitalisme – een machine waarin financiële belangen centraal staan, niet de werkelijke belangen van mensen en de natuur. Zo kreeg Margaret Thatcher, de ‘Iron Lady’ van het neoliberalisme, vanzelf gelijk toen zij in 1987 zei: “Er is niet zoiets als een samenleving, er zijn alleen individuen.”

In zekere zin heeft PVV’er Marjolein Faber dus wel gelijk als zij de neoliberaal Rutte er impliciet van beschuldigd een reptiel te zijn, geen buitenaardse reptilian natuurlijk, maar een kille kapitalistische reptiel, bij wie de financiële belangen altijd bovenaan staan. Rutte, de vijfde colonne van het grootkapitaal in het Torentje. Zijn recente houding ten aanzien van het WK in Qatar spreekt weer eens boekdelen: Rutte ziet er geen been in om te juichen in de stadions waar het bloed van duizenden dode dwangarbeiders aan kleeft – “maar wij juichen dan voor het Nederlands elftal”, zo haastte hij zich erbij te zeggen. Wat hij natuurlijk écht bedoelt is: “wij juichen dan voor het goedkope Qatarese gas…” Dat is nou precies de onmenselijkheid waar onze samenlevingen zo onder lijden. Op deze wijze brengen kapitalistische reptielen vanzelf fascistische reptielen voort.


Tot slot: de reptiel in ons eigen brein
Natuurlijk hebben we allemaal een reptiel in ons brein, namelijk de hersenstam, het in evolutionair opzicht oudste gedeelte van onze hersenen dat we met de reptielen gemeen hebben. Het reptielenbrein is verantwoordelijk voor de meeste primitieve overlevingsinstincten: het waarnemen van gevaar en het razendsnel kiezen voor vluchten of vechten. Onze neiging tot agressie ligt in het reptielenbrein besloten. In die zin zouden we een neurologische theorie over het fascisme op kunnen stellen: fascisme als het ontketende reptielenbrein dat overal vijanden ziet en met naakte agressie reageert. Baudet, met zijn paranoïde angst voor een reptielen-complot, projecteert dus eigenlijk gewoon z’n innerlijke reptiel op de buitenwereld.

Gelukkig wordt het reptielenbrein in onze schedel omgeven door het warmbloedige zoogdierenbrein, het limbisch systeem dat onder andere verantwoordelijk is voor de warme sociale gevoelens die horen bij het zogen van de eigen jongen en het succesvol samenleven in groepen. In het verlengde daarvan, aan de voorkant van onze schedel, heeft zich ten slotte het mensenbrein ontwikkeld, de neocortex die vooral goed is in taal en bewust-logisch nadenken. Met enige overdrijving maar wel met een kern van waarheid zouden we kunnen stellen dat de agressieve oer-instincten van het koudbloedige reptielenbrein in toom gehouden worden door de sociale warmte van het zoogdierenbrein en de rationaliteit van de neocortex. Laten we daarom onze medemenselijkheid en ons kritisch denkvermogen blijven koesteren, om onze innerlijke reptielen te beteugelen.







Poetin, Baudet en de Dreiging van het Fascisme

De maskers van rechts-populistische politici als Trump en Baudet zijn afgevallen. Daarachter zien we het grijnzende gelaat van de Hitler van onze tijd, Vladimir Poetin. Rechts-populistische partijen als Forum voor Democratie blijken verlengstukken te zijn van Poetins al jaren durende poging om het Westen te destabiliseren en onze democratieën te ondermijnen.

 

Natuurlijk is er meer aan de hand: de opkomst van het rechts-extremisme kan niet alleen aan Poetin geweten worden. Het Westen kampt al veel langer met grote interne problemen die racisme en fascisme in de hand werken; hier hoefde Poetin alleen maar tendensen aan te wakkeren die sowieso al aanwezig waren. Maar waar komen deze tendensen vandaan? Hierbij loont het de moeite om goed te kijken naar de parallellen met de opkomst van het fascisme in de jaren ‘30 van de vorige eeuw – een opkomst die uiteindelijk resulteerde in de Tweede Wereldoorlog. Net zoals wij nu op de rand staan van een Derde Wereldoorlog…

 

Terug naar de jaren ‘30

De westerse wereldorde bevindt zich al jaren in een verdiepende crisis, aangedreven door het neoliberale hyperkapitalisme, de almaar groeiende kloof tussen tussen arbeid en kapitaal, tussen rijk en niet-rijk (nog verergerd door de coronapandemie) én de escalerende klimaatcrisis. Nu de gierende inflatie ook haar duit in het zakje doet, kan deze crisis razendsnel ontsporen in een regelrechte economische crash.

In het licht van deze complexe crisis moet de opkomst van het racisme, fascisme en het bijbehorende complot-‘denken’ begrepen worden. De parallellen met de opkomst van het fascisme in de jaren ‘30 van de vorige eeuw zijn opvallend. Net als nu bevond het kapitalisme zich toen in een diepe crisis, de Great Depression, waardoor wereldwijd de armoede en maatschappelijke onvrede enorm toenamen. Het fascisme ontstond als een manier om die onvrede te kanaliseren op zo’n manier dat het kapitalistische systeem daardoor niet geraakt werd, namelijk door de onvrede te projecteren op fictieve oorzaken, zoals in de nazi-mythe van het Joodse complot.

De huidige complottheorieën hebben precies dezelfde functie: ze projecteren de maatschappelijke onvrede op fictieve oorzaken, zoals ‘de satanistische pedofielen’ van ‘de mondiale linkse elite’ die met de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties een totalitair systeem à la China willen vestigen, de zogenaamde “Great Reset” – een complottheorie die zo gestoord is dat het weinig zin heeft om er inhoudelijk op in te gaan.

Binnen het extreemrechtse complot-‘denken’ blijft de échte oorzaak van de crisis, het disfunctioneren van het neoliberale kapitalisme, buiten schot. Ook de racistische afleidingsmanoeuvre, die de oorzaak van de crisis bij ‘de buitenlanders’ legt, hoort bij deze extreemrechtse strategie.

Complottheorieën als QAnon of de Great Reset klinken misschien radicaal, maar ze vormen totaal geen bedreiging voor de kapitalistische machtsverhoudingen die de échte wortel van de crisis vormen. Daarom worden complottheorieën ook verspreid en daarom zijn ze ook zo populair. Ze zijn een gemakzuchtige manier om de onvrede te kanaliseren zonder het systeem daadwerkelijk te hoeven veranderen. 

Door juist ‘linkse’ politici tot doelwit van deze complottheorieën te maken, beschermt het kapitalisme zich des te beter tegen linkse hervormingen – hervormingen die juist nu in tijden van economische crisis keihard nodig zijn. Niet voor niets was ook het fascisme uit de jaren ‘30 rabiaat anti-socialistisch. 

En net als toen hebben ook nu de complottheorieën een uitgesproken antisemitisch karakter, bijvoorbeeld als ze zich richten op de Joodse miljardair George Soros. De nazi-mythe van het Joodse complot leeft voort in het huidige complot-‘denken’. En zoals altijd gaat ook nu de opkomst van het fascisme gepaard met geweld, haat en discriminatie, zoals vreemdelingenhaat, antisemitisme, vrouwenhaat en LHBTI-haat. Oproepen tot geweld (“Er komen tribunalen”), verbale intimidaties en doodsbedreigingen door misleidde of gestoorde volgelingen van Baudet en Willem Engel zijn aan de orde van de dag.

 

Poetin als ‘Sterke Leider’ 

Fascisme is van nature anti-democratisch. Het gaat uit van de cultus van de ‘Sterke Leider’ en heeft geen vertrouwen in de democratie als hét middel tot collectieve probleemoplossing. In dat kader moet de bizarre verering voor Poetin begrepen worden door figuren als Trump, Nigel Farage, Marine le Pen en Baudet, die zelfs een beetje verliefd op Poetin lijkt te zijn en deze gruwelijke massamoordenaar een “viriele vent” noemt. Rechts-populistische politici zien in Poetin de grote, sterke, witte, masculiene leider en daadkrachtige uitdager van de in hun ogen ‘slappe’ en ‘verwijfde’ westerse democratie. Ook Geert Wilders heeft in het verleden gedweept met Poetin en heeft zich tijdens een bezoek aan Rusland een vriendschapsspeldje op laten spelden, terwijl het MH17-proces in volle gang was…

Deze giftige liefde kwam van beide kanten: zoals Trump, Farage, Le Pen, Baudet en Wilders een fascistische bewondering koesteren voor Poetin als Sterke Leider, zo houdt Poetin op zijn beurt van de rechts-populistische politici in het Westen. Zeer zeker niet uit bewondering, maar puur uit strategisch eigenbelang: figuren als Trump en Baudet zijn de “bruikbare idioten” die Poetin inzet om het Westen van binnenuit te verzwakken. Waarom? Heel eenvoudig: de westerse democratie is levensgevaarlijk voor de dictator Poetin.

 

Aanval op de democratie 

Poetin is er alles aan gelegen om chaos te zaaien in westerse landen, om zo het ideaal van de westerse democratie onderuit te halen. Daarom draait hij de gaskraan naar het Westen steeds verder dicht en drukt hij overal waar hij maar kan de democratie hardhandig de kop in. Zoals twee jaar geleden in Wit-Rusland, waar collega-dictator Loekasjenko met behulp van Poetin de democratische protesten tegen zijn regime met bruut geweld heeft neergeslagen. 

Voor elke dictator is democratie immers de grootste vijand. Mede daarom is Poetin Oekraïne binnengevallen: Oekraïne was en is gelukkig nog steeds een ontluikende democratie en vormt daarmee een ‘groot gevaar’ voor buurland Rusland. Want stel je voor dat de Russen geïnspireerd zouden raken door het Oekraïense voorbeeld?! Dat kon Poetin echt niet laten gebeuren.

Maar het gaat Poetin niet alleen om het onderuit halen van het westerse ideaal van democratie; het gaat hem ook om het regelrecht verzwakken van het Westen. Een intern verdeeld Westen staat immers minder in de weg van Poetins imperialistische ambities, zijn gedroomde herstel van het ‘Grote Russische Rijk’ ten tijde van de Tsaren en de Sovjet-Unie. Dáárom voelt Poetin zich bedreigd door de NAVO, niet omdat de NAVO een bedreiging zou vormen voor Rusland zelf (want dat is niet zo), maar omdat de NAVO als enige een stokje kan steken voor Poetins imperialistische uitbreidingsplannen. Loekasjenko heeft al eerder dit jaar laten doorschemeren, waarschijnlijk per ongeluk, dat ook Moldavië op het menu van Poetin staat. En ook Georgië en de Baltische staten vrezen zeer terecht een Russische inval.

Vandaar Poetins niet aflatende poging om tweedeling en verwarring te zaaien in het Westen door het online verspreiden van nepnieuws en complottheorieën via Russische trollen en bots. En deze campagne tegen de westerse democratie nam óók de vorm aan van financiële steun aan rechts-populistische politici zoals Nigel Farage, Marine le Pen en Baudet. Van Farage en Le Pen is bekend dat ze geld vanuit Russische hoek hebben ontvangen. De Brexit, waardoor de EU en het VK tegen elkaar zijn uitgespeeld, is mede door Russisch geld mogelijk gemaakt.

Ook Baudet lijkt Russisch geld aangenomen te hebben. Het heeft er alle schijn van dat hij in de aanloop naar het Oekraïne-referendum van 2016 nauw samenwerkte met een aan het Kremlin verbonden Rus. In appberichten, die door Zembla en De Nieuws BV naar buiten zijn gebracht, verwijst Baudet naar betalingen van deze man, die hij omschrijft als “een Rus die werkt voor Poetin”. Volgens lolbroek Baudet waren deze berichten bedoeld als “grapjes”, maar voormalig FvD-bestuurslid Henk Otten zag destijds de humor er niet van in en waarschuwde Baudet meermaals voor Russische invloeden.

 

Inmenging in Amerikaanse verkiezingen 

Poetins campagne om het Westen te destabiliseren door middel van online nepnieuws en complottheorieën bereikte een hoogtepunt tijdens de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2016 en 2020. De Mueller-commissie, die in opdracht van de Amerikaanse Senaat onderzoek deed naar mogelijke illegale samenwerking tussen Trump en de Russen, vond uiteindelijk geen bewijs voor samenwerking maar wel voor Russische inmenging in de verkiezingen van 2016 “in sweeping and systematic fashion”.

Poetin zag heel duidelijk dat Trump een splijtzwam zou zijn in de westerse democratieën en dat het daarom lonend was om Trump te steunen. Dit gebeurde bijvoorbeeld door het lekken van gehackte informatie, zoals de gestolen emails van Hillary Clintons campagne-team. Ook het verspreiden van de QAnon-complottheorie – waarin Trump een messiaanse rol krijgt toebedeeld in het ontmaskeren van de linkse, satanistische ‘deep state’ – speelde een grote rol in de Russische desinformatie-campagne, zoals bleek uit onderzoek door persbureau Reuters. Ook tijdens de Amerikaanse verkiezingen van 2020 hebben de Russen een desinformatie-campagne gevoerd met als doel het beschadigen van Biden.

Dat Trump uiteindelijk op de proppen kwam met zijn Grote Leugen over verkiezingsfraude door de Democraten ‒ een leugen die culmineerde in de gewelddadige bestorming van het Capitool door Trump-aanhangers ‒ moet Poetin als muziek in de oren hebben geklonken. Zijn doel was om de Amerikaanse democratie te destabiliseren middels een online desinformatie-campagne; dat Trump uiteindelijk zelf probeerde om die democratie middels een coup om zeep te helpen was meer dan Poetin ooit had kunnen dromen.

 

Fascisme: een tikkende tijdbom 

Poetins aanval op Oekraïne heeft alles op scherp gezet. Het is een demasqué: de maskers van rechts-populistische politici als Trump en Baudet zijn definitief afgevallen. En achter die maskers zien we het grijnzende gelaat van de Hitler van onze tijd, Vladimir Poetin. Zijn imperialistische, moorddadige, terroristische dictatuur is het summum van fascisme. En de rechts-populistische politici in het Westen zijn zijn werktuigen, al dan niet met financiële steun vanuit Rusland. Als we hier niet tegen opstaan, dan blijft het gif van fascisme voortwoekeren en onze democratische rechtsstaat ondermijnen.

De toekomst is wat dat betreft weinig rooskleurig. We weten van de jaren ‘30 dat economische crisis altijd een vruchtbare voedingsbodem is voor vreemdelingenhaat en het fascistische verlangen naar een Sterke Leider. En die economische crisis zit er duidelijk aan te komen. De wereldwijde schuldenberg – een “tikkende tijdbom” volgens professor Jan Rotmans – is inmiddels tot recordhoogte gestegen. Het wachten is op het moment dat door de almaar stijgende inflatie de eerste particulieren, bedrijven en landen niet meer aan hun schulden kunnen voldoen, met een kettingreactie van faillisementen en staatsbankroeten tot gevolg. Italië en zelfs Groot-Brittannië staan al economisch op omvallen.

Nout Wellink, de oud-president van De Nederlandsche Bank, sprak zich recent in zeer alarmerende bewoording uit over de historisch hoge schuldenlast in combinatie met de huidige inflatie: “Als je het stro klaar legt en de benzine eroverheen giet, dan gebeurt er niks. Tot er een lucifer bij gehouden wordt.” Poetins oorlog tegen Oekraïne en de daardoor veroorzaakte energiecrisis zouden best wel eens die lucifer – of vlammenwerper – kunnen zijn.

Het is nu al zo dat vluchtelingen aan de grenzen van Europa met steeds meer geweld worden behandeld. De vluchtelingen uit Oekraïne werden tot voor kort nog met open armen in Europa ontvangen. Maar hoe lang zal onze solidariteit met vluchtelingen nog duren als de economische malaise echt toeslaat? En wat als deze vluchtelingen geen witte Europeanen zijn, zoals de Oekraïners, maar mensen met een andere etnische achtergrond? Dan kan de vreemdelingenhaat ineens heel hard om zich heen slaan. De opvangcrisis in Ter Apel heeft al laten zien dat onze solidariteit vrij beperkt is, zeker als gaat om vluchtelingen met een kleurtje. Wees daarom waakzaam! Laten we onze medemenselijkheid streng bewaken en geef fascisme en racisme geen kans! Dit is een herschreven versie van een artikel dat eerder verscheen bij Joop, 10-2-2022.









Breek uit je bubbel met Martin Buber

Verschenen in: Joop BNNVARA, 15-4-2022

 

In het licht van de huidige 'bubbelficatie' van de samenleving – waar iedereen zich terugtrekt in de bubbel van het eigen gelijk – biedt de dialogische filosofie van Martin Buber de mogelijkheid om radicaal anders met elkaar om te gaan.


Volgens de Joods-Oostenrijkse filosoof en anarchist Buber (1878-1965) betekent menselijkheid wezenlijk mede-menselijkheid. Alleen door de dialoog aan te gaan, door volledig open te staan voor anderen in al hun andersheid, door ons aan te laten spreken en vanuit ons hart te antwoorden, worden we échte mensen. De “gehele mens”, aldus Buber, is “de mens mét de mens”, de dialogische mens. “Ik word mijzelf via jou”, zegt Buber, en: “Alle echte leven is ontmoeting.”


Kijken we vanuit Bubers dialogische filosofie naar onze tijd – het bubbel-tijdperk – dan moeten we concluderen dat onze (mede-)menselijkheid flink onder druk staat. De Russen en het Westen, de ‘complotwappies’ en de ‘sheeple’, links en rechts, de Israëli’s en de Palestijnen, de ‘klimaatwappies’ en de ‘klimaatontkenners’, de haves en de have-nots – iedereen zit in z’n eigen informatiebubbel, wereldbeeld, comfortzone, getto of gated community. Echte dialoog, dwars door bubbelwanden heen, vindt nog maar zelden plaats. Onze bubbels zijn echokamers waarin alleen het eigen gelijk weerklinkt. 


En daarmee boeten we aan medemenselijkheid in: de onmenselijkheid van Poetins oorlog getuigt daarvan. Ook los van deze oorlog zien we de ontmenselijking om ons heen: online scheldpartijen, psychotische complottheorieën, de hardvochtige behandeling van migranten en vluchtelingen, doodsbedreigingen, de verharding van het publieke debat op sociale media en in de Tweede Kamer – het zijn allemaal symptomen van een medemenselijke tekort.


De neoliberale schuim-samenleving

Vragen we naar de onderliggende oorzaak van dit tekort, dan komen we volgens de anarchist Buber uit bij het kapitalisme. Bubers anarchisme en kapitalismekritiek volgen naadloos uit zijn dialogische filosofie. Omdat we alleen dankzij elkaar echt mens worden, en omdat in de dialoog elke stem even zwaar moet tellen, is alleen een solidaire, absoluut democratische en anti-autoritaire samenleving volgens Buber een echt menselijke samenleving. 


In het kapitalisme heerst niet de dialogische “Ik-Jij-relatie”, aldus Buber, maar de instrumentele “Ik-Het-relatie”, waarin we de ander reduceren tot exploiteerbaar ‘ding’. De ander verschijnt niet als medemens maar als concurrent, als klant, als baas of als bron van arbeid. “Heeft niet de ontwikkeling van de moderne wijze van arbeid en privé-bezit bijna elk spoor [...] van de betekenisvolle Ontmoeting vernietigt?”, zo vroeg Buber zich al in 1923 vertwijfeld af, doelend op de kapitalistische wereldorde die toen nog maar in de kinderschoenen stond. 


Hoewel geen fan van het staatscommunisme van Marx – als anarchist had Buber geen fiducie in een van bovenaf opgelegde “dictatuur van het proletariaat” – deelde hij wél Marx’ analyse dat het kapitalisme de onstuitbare neiging heeft om traditionele gemeenschapsbanden af te breken en te vervangen door louter financiële relaties tussen ‘marktspelers’, die ook nog eens radicaal ongelijk in economische macht zijn. Het kapitalisme heeft “geen andere band tussen de mensen overgelaten dan die van het naakte profijt, van de hardvochtige ‘contante betaling’”, zo schreven Marx en Engels in hun Communistisch Manifest (1848).


Daarin ligt de individualiserende tendens van het kapitalisme, dat ons van sociale wezens transformeert in losstaande individuen, die alleen nog vanuit financiële belangen met elkaar in contact treden. In de neoliberale globalisering van de jaren ‘90 kwam deze tendens tot een hoogtepunt, ingeluid door de beruchte uitspraak van Margaret Thatcher, de ‘Iron Lady’ van het neoliberalisme: “Er is niet zoiets als een samenleving, er zijn alleen individuen.” 


Met het neoliberale individualisme nam de bubbelficatie van de samenleving extreme vormen aan. Maximaal losgeweekt van zijn of haar sociale omgeving raakt elk individu opgesloten in de eigen bubbel, afgesloten van de buitenwereld door koptelefoons, schermpjes en gepersonaliseerde newsfeeds. Zo verwordt de geïndividualiseerde samenleving tot “schuim” (zoals de Duitse filosoof Peter Sloterdijk treffend zegt), een amorfe en losse samenhang van privé-bubbels. 


Voorbij individualisme én conservatisme

Voor Buber betekent deze doorgeslagen individualisering dat onze menselijkheid in het gedrang komt. Daarmee komt Buber in de buurt van het conservatisme dat in Nederland wordt uitgedragen door politici en filosofen als Baudet en diens leermeester Cliteur, al zijn de verschillen tussen Buber en het conservatisme uiteindelijk groter dan de overeenkomsten. Bubers anarchistische filosofie van de dialoog vormt een derde weg voorbij de tegenstelling van individualisme en conservatisme.

 

Het conservatisme – en het Russisch nationalisme van Poetin is daar een extreem voorbeeld van – stelt dat mensen zich alleen in vooraf gegeven gemeenschappen tot personen kunnen ontwikkelen en dus altijd relatief zijn aan een volk, cultuur of traditie. Het conservatisme draait als het ware de beruchte uitspraak van Thatcher om: “Er is niet zoiets als individualiteit, er zijn alleen samenlevingen.” Er zijn, kortom, geen individuen maar alleen Russen, Duitsers, Fransen, Chinezen, Engelsen, etc. 


Wat het conservatisme echter buiten beschouwing laat – en waar de anarchist Buber zich scherp van bewust was – is het feit dat etnisch-culturele eenheden geen natuurlijke of ‘door God gegeven’ collectieven zijn maar altijd veranderende sociale constructies die historisch ontstaan uit de dynamische machtsverhoudingen tussen mensen. De heersende normen binnen een bepaalde cultuur zijn niet zelden ook de normen van de heersende groep (zoals Marx zei: “de heersende ideeën zijn de ideeën van de heersende klasse”). Patriarchale culturen codificeren de macht van mannen over vrouwen. Etnocentrische culturen codificeren racistische machtsverhoudingen. 


Cultuur is in die zin nooit neutraal maar altijd een uiting van macht van de één over de ander. Dit geldt uiteraard ook – of zelfs bij uitstek – voor de door Poetin verheerlijkte “Russische ziel” waarachter het platte machtsstreven van Poetin zelf en zijn kleptocratische kliek schuilgaat. Het conservatisme sluit mensen op in de verstikkende eenheid van de etnisch-culturele gemeenschap waarin zij toevallig geboren zijn. En daarbinnen is geen plek voor radicaal afwijkende meningen of identiteiten. 

 

Vanuit Bubers dialogische perspectief kunnen we tegen het conservatisme inbrengen dat mensen zich weliswaar via sociale relaties tot personen ontwikkelen, maar dat het daarbij gaat om relaties die ‘grensoverschrijdend’ zijn. Voor Buber is persoonswording een dialogisch proces dat dwars door bubbelwanden heen breekt. Échte dialoog gaat over grenzen heen – landsgrenzen, bubbelgrenzen, etnisch-culturele grenzen, taalgrenzen, politieke grenzen, gender-grenzen en zelfs de grenzen tussen mens en natuur. 

 

Dialogische persoonswording vereist dat we ons volledig openstellen voor de ander in al diens andersheid. En dat lukt niet als we onszelf opsluiten – of laten opsluiten – in de overkoepelende eenheid van een collectief. Communicatie is dan geen dialoog meer maar een soort ‘collectieve monoloog’ waarbij weliswaar meerdere mensen betrokken zijn maar waar het eigenlijk de collectieve identiteit is die met zichzelf spreekt.


In de dialoog laten we ons aanspreken door de ander in al diens andersheid: zo blaast de dialoog elke collectieve identiteit op. Wat overigens niet wil zeggen dat de dialoog elke vorm van gemeenschap opblaast. Integendeel, de dialoog vestigt juist échte gemeenschap, aldus Buber. Geen gemeenschap die van bovenaf, door de heersende machten, wordt opgelegd, maar een medemenselijke gemeenschap die vanzelf en van onderaf, uit de oprechte dialoog tussen mensen, ontstaat. Een gemeenschap die gebaseerd is op wederzijdse afhankelijkheid én respect voor elkaars andersheid.

 

Naar een kritiek van de opdringerige media

Maar hoe herstellen we deze medemenselijkheid in het huidige bubbel-tijdperk? Vanuit een Buberiaanse blik vereist dit een scherpe kritiek op de rol die media in het hedendaagse kapitalisme spelen. Dialogisch gezien zouden media niets meer moeten zijn dan communicatie-media, d.w.z. bruikbare middelen die ons optimaal in staat stellen om elkaar te vinden, om elkaar in openheid te ontmoeten. Het grote probleem van onze tijd is dat de media níet op deze manier functioneren: ze scheiden ons juist en spelen ons tegen elkaar uit. Zoals de Russische staatsmedia de Russische propaganda-bubbel in stand houden en zoals volgens complotdenkers de zogenoemde “MSM” (mainstream media) de “sheeple” gevangen houden in hun schijnwereld, zo creëren sociale media als Facebook, YouTube en Twitter de informatiebubbels die groepen tegen elkaar uitspelen en opzetten.


In het kapitalisme zijn ‘de media’ allesbehalve neutrale doorgeefluiken van informatie maar op winst gerichte mediabedrijven die er financieel belang bij hebben om hun “gebruikers” een bepaalde kant op te sturen. Dat geldt niet minder voor de Russische staatsmedia, waarvan een substantieel deel in handen is van olie- en gasgigant Gazprom, als voor de westerse nieuwsmedia waar een handjevol conglomeraten bovenmatig veel invloed uitoefenen. Het duidelijkst echter verschijnt de kapitalistische verstrengeling van de media en de sturende werking van het Grote Geld in de sociale media. Door de digitalisering van de maatschappij zijn zij tot in de haarvaten van ons dagelijks leven doorgedrongen, waar zij echter door hun verdienmodel een ware verwoesting aanrichten. 


De sociale media halen hun historisch megawinsten uit advertentie-inkomsten, waardoor zij er alle belang bij hebben om hun gebruikers zo lang mogelijk aan hun schermpjes gekluisterd te houden, om hen – als vetgemeste paté-ganzen – zoveel mogelijk advertenties door de strot te duwen. Daarom zijn de sociale media zo verslavend, dat is precies de bedoeling. De media houden onze aandacht vast via gepersonaliseerde “feeds” die precies dat laten zien wat ons triggert, wat onze ego’s streelt, wat onze onderbuikgevoelens aanspreekt en wat onze vooroordelen bevestigt. En als onze aandacht eventjes verslapt, dan zijn de sociale media er als de kippen bij om ons via pushberichten tot de orde te roepen.


Sociale media die zichzelf opdringen en ons een bepaalde kant op sturen zijn geen communicatiemedia meer maar kapitalistische sturingsmechanismen. Een écht communicatiemedium fungeert als een “verdwijnende bemiddelaar” (zoals de marxistische filosoof Fredric Jameson dat noemt), dwz. een medium dat ‘oplost’ nadat het de gesprekspartners bij elkaar heeft gebracht. Daarom is gesproken taal zo’n goed communicatiemiddel, omdat de klanken na uitgesproken te zijn in stilte wegsterven – zouden ze dat niet doen, dan zouden ze als een ‘muur van geluid’ tussen ons in komen te staan, daarmee elke dialoog onmogelijk makend. Daarom zegt Buber: “Alleen wanneer elk middel is weggevallen komt de Ontmoeting tot stand.”




Links en de Crisis van het Neoliberale Kapitalisme

 

De huidige neoliberale wereldorde begint steeds meer tekenen van verval te vertonen: een uit de hand lopende klimaat- en biodiversiteitscrisis, steeds extremere ongelijkheid tussen rijk en niet-rijk, steeds sterkere tegenstellingen in de samenleving, mede gevoed door de opkomst van extreem-rechts en bijbehorende complottheorieën. In dit artikel betoog ik dat wij als wereldwijde mensheid nu op een T-splitsing staan. Slaan we linksaf? Of rechtsaf?

We kunnen rechts afslaan en doorgaan met business as usual, dus doormodderen op de oude weg en ons in slaap laten sussen door de rechtse politiek die zegt dat de problemen op magische wijze ‘vanzelf’ opgelost zullen worden: ‘Als we de vrije markt gewoon z’n werk laten doen, dan komt het allemaal wel goed…’ Of we slaan links af en kiezen massaal voor een links alternatief voor het huidige neoliberale kapitalisme. Dit is de keuze voor een eerlijke, groene en gezonde samenleving, met een eerlijke verdeling van de welvaart, met gelijke kansen voor iedereen, een samenleving waar je kunt zijn wie je wil zijn, zonder racisme of enige andere vorm van discriminatie, en waar de economie niet ten koste gaat van de natuur waar we allemaal afhankelijk van zijn.

In dit artikel wil ik laten zien dat als we de stap naar rechts zetten, de menselijke beschaving binnen tientallen jaren weg zal zinken in catastrofale klimaatverandering, in fascisme, in racisme en andere vormen van discriminatie en in politieke chaos. De stap naar links is levensnoodzakelijk, maar daarvoor is een drastische hervorming van de kapitalistische economie een vereiste.

Om een radicaal sociale en groene samenleving dichterbij te brengen moet de huidige macht van de kapitalistische klasse over de rest van de samenleving gebroken worden. Van de 100 grootste economieën wereldwijd zijn er 69 multinationals; dat tekent de enorme macht van het grootkapitaal in onze wereld. Nu bezit 1% van de wereldbevolking meer dan 50% van alle rijkdom, terwijl 50% van de wereldbevolking in armoede leeft, 10% daarvan zelfs in extreme armoede. Dat moet anders! De economie moet dienstbaar worden aan de gehele mensheid en de natuur, niet alleen aan een kleine elite die de vruchten ervan plukt terwijl de rest van de mensheid steeds verder in armoede, schulden en verslaving wegzakt en opgezadeld wordt met catastrofale klimaatverandering. Hier ligt de huidige taak van de linkse politiek!


De neoliberale wortels van de huidige crisis
Om de huidige crisis van het kapitalisme te begrijpen moeten we terug naar de wortels ervan: de neoliberale globalisering die grofweg vanaf 1990 de wereld in z’n greep kreeg. In 1989 viel de Berlijnse Muur, in 1991 stortte het Sovjet communisme als geheel in. Het kapitalisme had gewonnen, linkse ideologieën als socialisme en communisme hadden verloren. Zo althans was het heersende sentiment in de publieke opinie. De Amerikaanse filosoof Francis Fukuyama sprak van het “Einde van de Geschiedenis” omdat er geen redelijk alternatief meer voor het kapitalisme zou zijn. De neoliberalen promootten het kapitalisme met het zogenoemde TINA-argument: “There is no alternative…” In de film Wall Street (1987) vatte de super-kapitalist Gordon Gekko de tijdsgeest samen toen hij zijn gevleugelde woorden uitsprak: “Greed is good!”

In lijn met deze tijdsgeest pleitten neoliberale economen als Friedrich Hayek en Milton Friedman voor méér vrije markt en mínder overheid. Hun ideeën vonden gretig aftrek bij regeringsleiders als Reagan en Thatcher, gevolgd door vele anderen. Alles wat de overheid deed – zoals volkshuisvesting, zorgverzekeringen, publieke diensten als openbaar vervoer, water en energie – dat zou de vrije markt veel efficiënter en goedkoper kunnen. Overheidsbedrijven moesten geprivatiseerd worden, markten gedereguleerd. De belastingen, met name op vermogen en winst, moesten omlaag. Landen die daar niet aan meededen prezen zichzelf uit de markt: zij zagen de multinationals vertrekken naar andere landen die wel de belastingen verlaagden (de “race to the bottom”).

Kortom, het kapitalistische winststreven moest zoveel mogelijk vrij spel krijgen. Volgens het neoliberalisme was het alleen maar goed dat de rijken steeds rijker zouden worden; daar zou uiteindelijk iedereen van profiteren. Hun rijkdom zou namelijk “naar beneden sijpelen” naar de rest van de samenleving (“trickle-down economics”).

Het falen van het neoliberalisme
Zoals we nu allemaal weten vond dit "naar beneden druppelen" van rijkdom niet plaats. Integendeel, de ongelijkheden in rijkdom zijn alleen maar groter en groter geworden, tot het punt zelfs dat nu 1% van de wereldbevolking meer dan 50% van alle rijkdom bezit. Dit terwijl 50% van de wereldbevolking in armoede leeft en bijna 10% daarvan zelfs in extreme armoede. Het neoliberalisme heeft geleid tot een drastisch verzwakking van de werkende klasse tegenover de macht van de kapitalistische klasse. Dit blijkt alleen al uit het feit dat de lonen al tientallen jaren sterk achterblijven bij de stijging van de arbeidsproductiviteit en de bedrijfswinsten.

Het neoliberale beleid van de afgelopen 40 jaar heeft ertoe geleid dat de allerrijkste mensen amper tot geen belasting betalen. Nederland heeft daar zelf een groot aandeel in gehad: door het neoliberale beleid van de VVD is Nederland verworden tot een belastingparadijs voor grote bedrijven en superrijken die zo min mogelijk belasting willen betalen. Nederland staat wat dat betreft op de vierde plek, na de Britse Maagdeneilanden, de Kaaimaneilanden en Bermuda! Op deze manier werkt Nederland belastingontwijking en -ontduiking in de hand. Dit is allemaal geld dat níet wordt geïnvesteerd in groene energie en in sociale voorzieningen als zorg, onderwijs, volkshuisvesting, openbaar vervoer en een fatsoenlijk minimumloon. Terwijl van gewone werknemers wel wordt verwacht dat ze netjes belasting betalen, hoeven de superrijken dat blijkbaar niet te doen.

Daarbij komt dat de liberalisering van de financiële markten alleen maar heeft gezorgd voor instabiliteit en economische crises (zoals de kredietcrisis van 2008). Ook heeft de liberalisering en privatisering van de publieke diensten (zoals zorg, ov, post, water en energie, volkshuisvesting, telefonie, televisie) ze niet efficiënter en goedkoper gemaakt, integendeel. De huidige wooncrisis is daar een duidelijk voorbeeld van.

Zoals gezegd, het neoliberalisme betekende een fundamentele verzwakking van de machtspositie van de arbeidersklasse ten gunste van het kapitaal. Dít is de achterliggende oorzaak van de groeiende onvrede bij mensen en de daaruit volgende kloof tussen burger en politiek. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de onvrede vooral gevoeld wordt bij de traditionele arbeidersklasse, dat wil zeggen de lagere opleidings- en inkomensgroepen in de samenleving (zoals blijkt uit onderzoek door het CBS).

Zij zijn de mensen die het meeste te verduren hebben gehad van de neoliberale transformatie van de maatschappij, de mensen die hun koopkracht alleen maar achteruit hebben zien gaan, die de voedselbanken bezoeken omdat ze anders aan het eind van de maand niks te eten hebben, die geconfronteerd werden met almaar stijgende huren en zorgkosten, die met andere achterstandsgroepen (zoals etnische minderheden) samengepropt worden in arme en verloederde wijken, de mensen wiens positie op de arbeidsmarkt steeds ‘flexibeler’ is geworden (een eufemisme voor het feit dat ze als wegwerp-medewerkers worden behandeld). Het zijn deze mensen die ‒ met een lelijk woord ‒ “de verliezers van de neoliberale globalisering” worden genoemd.

En tot deze groep ‘verliezers’ die buiten de boot valt, behoren ook steeds vaker jongeren. Zoals Ewald Engelen, hoogleraar financiële geografie, in het NRC zei over de opmerkelijke heropleving van het communisme onder millennials: “Ze zijn op allerlei manieren fucked.” Ze gaan gebukt onder torenhoge studieschulden, om vervolgens geen vaste arbeidscontracten meer te kunnen krijgen, waardoor ze ook geen pensioen opbouwen. Ze hebben geen toegang tot de woningmarkt, want daar is alles schaars en onbetaalbaar geworden. En dan worden ze ook nog eens opgezadeld met een aanstormende klimaat- en biodiversiteitscrisis.

Klimaatverandering en kapitalisme
De groeiende klimaat- en biodiversiteitscrisis is inderdaad de kers op de taart van de huidige kapitalistische crisis. Het legt een bom onder de huidige machtsverhoudingen. Oliebedrijven als Shell en Exxon wisten al vanaf de jaren ‘70 dat CO2-uitstoot door de verbranding van fossiele brandstoffen tot een broeikaseffect zou leiden, maar ze hebben er destijds voor gekozen om deze cruciale informatie actief te verdoezelen. En dan is er ook nog de vlees- en zuivelindustrie die voor een groot deel medeverantwoordelijk is voor de klimaatverandering (én voor heel veel dierenleed) maar alle veranderingen richting een duurzaam bedrijfsmodel actief blokkeert. Nu dreigt de opwarming van de aarde binnen enkele tientallen jaren onbeheersbaar te worden en uit te monden in catastrofale klimaatverandering, waardoor het leven op aarde steeds moeilijker zal worden.

De kapitalistische elite zal de klimaatverandering wel uitzingen: zij trekken zich gewoon terug in hun gated communities op de mooiste en veiligste plekjes op aarde, met hun privé-legers om de rest van de mensheid buiten de deur te houden. Een mensheid die zal moeten zien te overleven op een totaal verpeste planeet.

Klimaatverandering is daarmee de ultieme “Verelendung” (Marx). Het zet het conflict tussen de werkende klasse en de kapitalistische klasse op scherp. Klimaatverandering zal ontzettend veel geld gaan kosten, zowel door de schade die het zal veroorzaken als door de enorme investeringen die nodig zijn voor het verduurzamen van de industrie en economie. De kapitalistische klasse heeft uiteraard geen zin om voor die kosten op te draaien en zal daarom proberen om deze kosten af te wentelen op de werkende klasse, die daardoor verder zal verarmen. Dit, zoals gezegd, terwijl 50% van de wereldbevolking nu al in (relatieve) armoede leeft en bijna 10% daarvan zelfs in extreme armoede. Door de corona-pandemie neemt deze armoede zelfs nog verder toe.

Het is duidelijk dat de kosten van klimaatverandering simpelweg niet op de werkende klasse afgewenteld kunnen worden: hier MOET het grootkapitaal het leeuwendeel van de kosten gaan dragen. Dit is niet meer dan rechtvaardig gezien alle neoliberale belastingcadeautjes die er de afgelopen decennia aan de superrijken en het grootkapitaal gegeven zijn.

Het neofascisme van politici als Trump en Baudet
Het neoliberale kapitalisme bevindt zich in een verdiepende crisis, aangedreven door klimaatverandering. In het licht van deze crisis moet de huidige opkomst van het fascisme en het bijbehorende complot-‘denken’ begrepen worden. De parallellen met de opkomst van het fascisme in de jaren ‘30 van de vorige eeuw zijn opvallend. Net als nu bevond het kapitalisme zich toen in een diepe crisis, de Great Depression, waardoor wereldwijd de armoede en maatschappelijke onvrede enorm toenamen. Het fascisme ontstond als een manier om die onvrede te kanaliseren op zo'n manier dat het kapitalistische systeem daardoor niet geraakt werd, namelijk door de onvrede te projecteren op fictieve oorzaken, zoals de nazistische mythe van het Joodse complot.

De huidige complottheorieën hebben precies dezelfde functie: ze projecteren de terechte onvrede van de werkende klasse op fictieve oorzaken, zoals ‘de satanistische pedofielen’ van ‘de linkse elite’. Daardoor blijft de echte oorzaak, het disfunctioneren van het kapitalistische systeem, buiten schot. De huidige complottheorieën zoals QAnon klinken misschien radicaal, maar ze vormen totaal geen bedreiging voor de kapitalistische machtsverhoudingen. Sterker nog, door juist links tot doelwit van deze complottheorieën te maken, beschermt het kapitalisme zich des te beter tegen linkse hervorming. Niet voor niets was ook het fascisme uit de jaren ‘30 rabiaat anti-communistisch. En net als toen hebben ook nu de complottheorieën een uitgesproken antisemitisch karakter, bijvoorbeeld als ze zich richten op de Joodse miljardair George Soros. De nazi-mythe van het Joodse complot leeft voort in het huidige complot-‘denken’.

Het fascisme is van nature anti-democratisch. Het gaat uit van de cultus van de Sterke Leider en heeft geen vertrouwen in de democratie als hét middel tot collectieve probleemoplossing. In dat kader moet de bizarre verering voor Donald Trump (met name in QAnon) begrepen worden, alsook diens totaal ongefundeerde aanklachten van verkiezingsfraude door de Democraten in de VS. Het ontstaan van informatie-bubbels en de massale verspreiding van desinformatie en nepnieuws door sociale media als Facebook dragen bij aan deze ondermijning van de democratie. Dit alles speelt het opkomende fascisme in de kaart.

Ook hier zien we de funeste invloed van het grootkapitaal, in de vorm van multinationals als Google en Facebook die bereid zijn om de data van hun gebruikers aan de hoogste bieder te verkopen. Door middel van gepersonaliseerde newsfeeds op bijvoorbeeld Facebook kan het grootkapitaal verkiezingen grootscheeps manipuleren, zoals we hebben gezien bij de door Cambridge Analytica ondersteunde verkiezingscampagne van de miljardair Trump in 2016. Zo zien we hoe het grootkapitaal rechtstreeks bijdraagt aan de huidige opkomst van het fascisme.

Zoals altijd gaat ook nu de opkomst van het fascisme gepaard met diverse vormen van discriminatie, zoals racisme, vreemdelingenhaat, antisemitisme, seksisme en LHBTI-haat. Met name het geweld tegen LHBTI-mensen loopt de spuigaten uit en moet NU gestopt worden. Dergelijke discriminatie-vormen zijn de verdeel-en-heersstrategieën van het kapitalistische systeem. Immers, hoe meer de werkende klasse onderling verdeeld is, hoe minder ze in staat is om een gezamenlijke vuist te maken tegen de ware uitbuiters, de groot-kapitalisten.

Nieuwe vormen van kapitalistische slavernij: Schulden en verslaving
In het kapitalisme draait alles om de winsthonger van de kapitalistische klasse; daaraan worden de rest van de samenleving én de natuur ondergeschikt gemaakt. Naast de traditionele vorm van uitbuiting, waar mensen óf voor een hongerloontje moeten werken óf werkloos zijn (loonslavernij), ontwikkelt het huidige kapitalisme nieuwe vormen van afhankelijkheid om de werkende klasse des te beter uit te kunnen buiten. Schulden en verslaving spelen daarin een centrale rol. 

Immers, de beste werker is een werker met schulden; die zal namelijk extra hard werken om zijn of haar schulden af te kunnen betalen. Wereldwijd nemen de schulden van de werkende klasse dan ook hard toe, onder andere door het grote gemak waarmee banken en andere commerciële kredietverstrekkers leningen verstrekken. Zo bezien vallen onder de werkende klasse ook de kleine ondernemers en boeren die schulden bij hun bank hebben: zij werken eigenlijk voor de bank die feitelijk de eigenaar van hun bedrijf is. Overigens draagt de Nederlandse staat zelf bij aan deze schuldenslavernij door middel van het ‘leenstelsel’ (beter gezegd: schuldenstelsel) in het hoger onderwijs, waardoor afgestudeerden hun werkzame leven ingaan met een enorme studieschuld. Zo worden jonge mensen meteen al tot slaafse werkers gemaakt.    

Ook door middel van verslaving houdt het kapitalisme de werkende klasse in zijn greep. Immers, de beste consument is een verslaafde consument. Wereldwijd nemen de verslavingen dan ook sterk toe. En dan gaat het niet alleen om de traditionele verslavingen als alcoholisme, sigaretten- en drugsverslaving. Er worden geheel nieuwe vormen van verslaving aangeboord, bijvoorbeeld aan opioïde pijnstillers (een ware epidemie in de VS) en aan andere ‘medicijnen’, aan sociale media zoals Facebook, aan gamen, aan online gokken, aan seks en aan ongezond voedsel. Zo creëert het kapitalisme een heel leger van slaafse consumenten. Schulden en verslaving zijn de nieuwste vormen van kapitalistische slavernij. Zo pleegt het kapitalisme roofbouw op de psychische en lichamelijke gezondheid van de werkende klasse.

De taak van Links: Alternatieven voor het kapitalisme
De conclusie is duidelijk: het kapitalistische systeem faalt en dreigt in catastrofale klimaatverandering, fascisme en mondiale chaos uit te monden. Hier ligt DE taak van de linkse politiek: het keren van het tij door een radicaal sociaal en groen alternatief voor het kapitalisme te formuleren – en het enthousiasmeren van de kiezers voor dat alternatief. De afgelopen jaren is daar helaas weinig van gekomen. Kiezers laten de linkse partijen grotendeels ‘links’ liggen. Was de traditionele arbeidersklasse van oudsher de electorale achterban van links, nu is dat heel anders. Bij de landelijke verkiezingen van maart 2021 hebben de lagere opleidings- en inkomensgroepen vooral rechts-populistisch gestemd (PVV, FvD, JA21), terwijl de linkse partijen (PvdA, GL en SP) juist fors zijn leeggelopen.

Hoe kan dat? Ook hiervoor moeten we kijken naar de opkomst van het neoliberalisme begin jaren ‘90 van de vorige eeuw en dan vooral naar het feit dat veel linkse partijen de neoliberale retoriek overnamen; daarmee vervreemden deze partijen zich van hun traditionele achterban en dat wreekt zich nu. Ook dit is een proces geweest dat zich niet alleen in Nederland maar in alle Westerse landen heeft afgespeeld. De linkse partijen ‒ zoals met name de Britse Labour Party onder Blair ‒ zagen geen electorale toekomst meer in het ‘ouderwetse socialisme’ en bekeerden zich daarom tot het neoliberalisme. 


In Nederland besloot de PvdA haar “ideologische veren af te schudden” (zoals Wim Kok het destijds in een toespraak zei) en het neoliberalisme te omarmen. In 1994 ging de PvdA zelfs regeren met haar aartsvijand, de VVD, in Paars 1, wat achteraf gezien een historische fout was. Zoals gezegd, op deze manier vervreemden de linkse partijen zich van hun achterban, de traditionele arbeidersklasse. Door de neoliberale transformatie van de maatschappij voelden zij zich niet alleen in de steek gelaten door de overheid, maar met name ook door links. Dat verklaart de grote afkeer van “de linkse elite” die nu onder grote delen van de arbeidersklasse leeft. De linkse partijen hebben ‒ door in de jaren ‘90 de neoliberale retoriek over te nemen ‒ de arbeidersklasse in de armen van het fascistoïde rechts-populisme gedreven.


Kortom, links heeft iets goed te maken. Links moet definitief breken met het neoliberalisme en mensen hoop geven door een duidelijk alternatief voor het huidige kapitalisme te formuleren, een radicaal sociale en groene samenleving. Een samenleving waar de welvaart eerlijk wordt verdeeld, waar geen bizarre ongelijkheden zijn tussen rijk en niet-rijk, waar je kunt zijn wie je wil zijn, zonder racisme of enige andere vorm van discriminatie, en met respect voor de natuur waar we allemaal van afhankelijk zijn.

Wil je meediscussiëren over de crisis van het kapitalisme en de noodzaak van een radicaal sociaal en groen alternatief? Doe dan ook mee met het Discussieplatform Antikapitalisme op Facebook: https://www.facebook.com/groups/discantikap